Plan Wolters

Plan Theo Wolters – Wat kost kernenergie?
( samenvatting van https://youtu.be/j0aFi8_qYEc )

Theo Wolters (TW) laat twee manieren zien om kernenergie goedkoper te maken. Dat is nodig. Om een groot aandeel in de energievoorziening te kunnen leveren moet kernenergie kunnen concurreren met fossiele energie. Daarvoor zou kernenergie minder dan 4 ct/kWh moeten kosten, ongeveer de prijs van kolenstroom.

TW analyseerde de kostenopbouw van Hinckley Point C (HPC), (13,4  ct/kWh bij opstarten in 2025) waarbij bleek dat ongeveer 2/3 van deze kosten financieringskosten zijn. Deze laten zich verklaren uit de lange bouwtijd en de hoge rente van vaak 9%. Deze wordt bepaald door grote geldverstrekkers. Wolters schat dat de grootste, meest solide partijen in de markt een rente van 6 tot 7 procent zouden kunnen bedingen, maar dat een Nederlands bedrijf als Delta eerder rekening zou moeten houden met 15 procent. Niet haalbaar dus.

Daarom stelt Wolters voor:

Een oplossing die uit twee componenten bestaat.

  1. De Staat gaat tenders uitschrijven voor kernenergie. Bijvoorbeeld voor een kernreactor Borssele 2. De Staat geeft de partij met het beste aanbod een lening tegen nul procent rente, als onderdeel van de tender. Dit kost de Staat niets, aangezien de Nederlandse Staat momenteel kan lenen tegen vaak negatieve rentes.
    Deze aanpak is vergelijkbaar met de wijze waarop nu de ‘stopcontacten op zee’ worden gefinancierd, buiten de tenders om. Daarbij gaat het om investeringen van vergelijkbare orde van grootte.
  2. Kies leveranciers die voortbouwen op een lange en ononderbroken ervaring in de ontwikkeling en bouw van centrales. TW schetst verschillende opties, waaronder de BWX-300 van GE Hitachi. Dit ontwerp bouwt voort op een eerder en groter ontwerp dat in 2014 is toegelaten. Het gaat om een relatief kleine reactor (300MWe, die van Borssele 1 is 450MWe), die puur op bouwkosten naar verwachting per kW zo’n 50% lager uitkomt dan de EPR van HPC. Voor grotere centrales verwijst hij naar de Koreaanse KEPCO APR 1400 centrales die onlangs in de VAE zijn opgeleverd voor een zeer gunstige prijs.

Gaan we uit van 50% reductie van de financieringskosten en 50% van de bouwkosten, dan is dat een gezamenlijke besparing van 75%. De kosten komen daarmee op zo’n 3,5ct/kWh, ofwel zeer goedkope elektriciteit. Na 35 jaar zijn de centrales afbetaald en wordt de prijs nog veel lager. Een duidelijk “no regret” voorstel.

Argumenten tegen ‘Plan Wolters’?

Het plan is onorthodox, critici lijken niet goed te weten wat er van te vinden. Tot dusverre zijn er geen showstoppers naar voren gekomen.
Meest genoemde bezwaren zijn:
‘Concurrentievervalsend’ – Nee, zegt Wolters. Ten eerste kun je gewoon werken met Europese aanbestedingen. En je creëert juist een “level playing field” met andere bronnen, waarvoor dezelfde constructie kan worden toegepast. Een vergelijkbare praktijk bestaat al voor de aanleg van bv ‘stopcontacten op zee’ (Tennet).

‘Private financiering is beste manier om risico’s van projecten te verminderen’ — Nee, zegt TW, want het grootste risico voor dit type investeringen is de overheid zelf. Dat zagen we de afgelopen jaren bij de “Atomausstieg” in Duitsland, en in Nederland o.a. bij het sluitingsbesluit voor de gloednieuwe kolencentrales . De extreme rente voor kerncentrales is daarbij niet zozeer het gevolg van risico-afweging,  als van de macht van financiers: er zijn maar heel weinig partijen in staat dergelijke financieringen aan te bieden.

Wobke Wiebes Fonds

Een sterk argument dat het renteloze  financieringsplan niet onzinnig is, is dat onlangs het zg. Wopke-Wiebes Fonds is ingesteld, op basis van precies dezelfde overweging: de staat kan nu zo goedkoop lenen, dat het verstandig is om flinke bedragen te lenen voor investeringen door de staat die op termijn onze economie vooruit zullen helpen.

Dit fonds is bedoeld voor:
– éénmalige investeringen
– die de groeicapaciteit van de economie vergroten
– die commercieel gezien niet aantrekkelijk zijn.

Investeren in de ontwikkeling van kerncentrales voldoet perfect aan deze criteria. Want hoewel potentieel (zeer) winstgevend, zit er te veel tijd en risico tussen investeringen en verdiensten om interessant te zijn voor particuliere geldverstrekkers. Het is dus zelfs heel voor de hand liggend om de eerste kerncentrales te financieren vanuit het Wopke Wiebes Fonds zelf.

Thorium

Thoriumreactoren zullen nog eens flink goedkoper kunnen worden gebouwd dan huidige. Strikt genomen is dat speculatie, maar wel onderbouwde speculatie. De belangrijkste reden voor deze aanname is dat het reactorvat van een thoriumcentrale op omgevingsdruk werkt en niet ruim dertig centimeter maar hooguit enkele centimeters dik hoeft te zijn. Ook zijn een groot aantal beveiligingssystemen overbodig. Diverse studies komen uit op schattingen van 2-3 ct/kWh, met ruimte voor verdere verlaging.

Voorstel is dan ook: investeer in onderzoek en ontwikkeling van thoriumreactoren, waarvoor Nederland, zoals bij andere presentaties is gesteld, excellente kansen heeft. De overheid kan hieraan belangrijk bijdragen door de eerste 10 jaar zo’n 50 miljoen euro per jaar bij te dragen, de tweede tien jaar zo’n 100 miljoen per jaar. Dit geld kan middels deelnemingen worden terugverdiend.

Op de invulling  van deze investering wordt ingegaan door Zwartsenberg ( https://youtu.be/wHhoEObORMk ). Wolters stelt voor de  onderzoekskosten  te betalen uit een revolving fund, dat gevoed wordt uit de honderd miljoen euro dividend die Urenco jaarlijks aan de Nederlandse staat uitkeert.  De investeringen kunnen worden terugverdiend door de verkoop van deelnames in startups en de verkoop van de eerste MSR centrales, vanaf zo’n vijftien jaar na nu.